Wat is de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR)?
Belastingen bij schenking of erven van aandelen
Als een ondernemer aandelen van zijn bedrijf overdraagt – bijvoorbeeld door ze te schenken of als hij of zij overlijdt – moet er normaal gesproken schenk- of erfbelasting worden betaald over de waarde van die aandelen.
Vrijstelling voor familiebedrijven
Voor familiebedrijven bestaan er echter speciale regelingen. Wanneer een ondernemer zijn bedrijf doorgeeft via een schenking of erfenis, dan kunnen de kosten door schenk- of erfbelasting hoog oplopen.
Een opvolger die het bedrijf voortzet, kan door de BOR vrijstelling krijgen van een groot deel van de verschuldigde belasting. Dit helpt om de continuïteit van een familiebedrijf te waarborgen en voorkomt dat hoge belastinglasten een bedrijfsopvolging onmogelijk maken.
Wat is de doorschuifregeling (DSR)?
Naast de BOR is er de doorschuifregeling (DSR). Hiermee kun je een onderneming geruisloos overdragen zonder direct stakingswinst af te dragen. Ook de DSR verandert.
Wanneer mag je gebruikmaken van de BOR?
Om in aanmerking te komen voor de BOR gelden strenge voorwaarden:
- De onderneming moet actief zijn. Alleen een actieve, materiële onderneming komt in aanmerking. Beleggingsvermogen of vastgoed dat aan derden wordt verhuurd, valt buiten de regeling.
- Eigendomstermijn. De vorige eigenaar moet minimaal vijf jaar eigenaar zijn geweest (bij overlijden: één jaar).
- Voortzettingstermijn. De nieuwe eigenaar moet de onderneming na de overdracht voortzetten. Let op: sinds 2025 is deze termijn verkort van vijf naar drie jaar.
Voldoe je niet aan de voorwaarden? Dan kan de Belastingdienst de vrijstelling terugdraaien en moet je alsnog belasting betalen.
Hoe maak je gebruik van de bedrijfsopvolgingsregeling?
Wil je gebruikmaken van de BOR bij een bedrijfsoverdracht? Dit zijn de stappen:
- Aangifte doen. Bij de aangifte erfbelasting of schenkbelasting geef je aan dat je de BOR wilt toepassen.
- Voorwaarden naleven. Zorg dat je voldoet aan de voorwaarden bij overname, zoals de voortzetting van het bedrijf.
Voorwaarden BOR
De vrijstelling in de BOR wordt berekend over de goingconcernwaarde van de onderneming. Dit is de waarde van de activa minus schulden, inclusief goodwill. Ook kijkt de Belastingdienst naar de liquidatiewaarde. Dit is de totale waarde van alle afzonderlijk gewaardeerde bedrijfsmiddelen of clusters van bedrijfsmiddelen. Voor de schenk- en erfbelasting gaan ze uit van de hoogste waarde.
Hoeveel vrijstelling je krijgt over verschuldigde belasting, hangt af van de waarde van je onderneming. Er zijn vier situaties:
- Goingconcernwaarde tot € 1.500.000 en hoger dan liquidatiewaarde
Je krijgt volledige (100%) vrijstelling over de goingconcernwaarde. - Goingconcernwaarde tot € 1.500.000 en lager dan liquidatiewaarde
De vrijstelling geldt voor 100% van de liquidatiewaarde. - Goingconcernwaarde boven € 1.500.000 en hoger dan liquidatiewaarde
Je krijgt 100% vrijstelling over de eerste € 1.500.000. Over het meerdere geldt een vrijstelling van 75%. - Goingconcernwaarde boven € 1.500.000 en lager dan liquidatiewaarde
Je krijgt eerst volledige vrijstelling over het verschil tussen de liquidatie- en de goingconcernwaarde.
BOR, testament en overbedeling
De meeste ondernemers hebben een testament dat de verdeling van hun nalatenschap bepaalt. Bij de toepassing van de BOR wordt gekeken naar wat hierin over eventuele aandelen gezegd wordt. Als bijvoorbeeld de aandelen van de bv naar één van de kinderen gaan, krijgt dat kind wellicht meer dan de andere kinderen. Dat heet overbedeling.
De andere kinderen krijgen in dat geval een overbedelingsvordering, die niet onder de bedrijfsopvolgingsregeling valt. Het kind met de overbedelingsschuld heeft wel recht op de BOR.
Tip: zorg ervoor dat je erfgenamen op de hoogte zijn van de BOR en de mogelijke fiscale gevolgen voor hen.
Wat is er veranderd aan de BOR en DSR in 2025?
1. Vrijstelling schenk- en erfbelasting: lagere percentages
- 100% vrijstelling voor een waarde tot € 1,5 miljoen.
- 75% vrijstelling voor alles daarboven (in 2024 nog 83%).
Deze aanpassing is bedoeld om kleinere familiebedrijven te ondersteunen, maar betekent een hogere belastingdruk voor grotere ondernemingen.
2. Afschaffing van de dienstbetrekkingseis
Voorheen moest een bedrijfsopvolger minimaal drie jaar in dienst zijn geweest bij het bedrijf om gebruik te maken van de BOR. Sinds 2025 is deze eis vervallen. Dat scheelt administratieve lasten. Nieuwe regel is dat bij schenkingen de bedrijfsopvolger minimaal 21 jaar oud moet zijn. Deze leeftijdseis geldt niet in het geval van erven.
3. Kortere voortzettingstermijn
Sinds 2025 hoeft bij opvolging de nieuwe eigenaar de onderneming niet meer vijf jaar voort te zetten, maar slechts drie jaar. Dit maakt de regeling flexibeler en vermindert de administratieve lasten.
4. Strengere regels voor gemengd gebruik van bedrijfsmiddelen
Bedrijfsmiddelen die zowel zakelijk als privé worden gebruikt (bijvoorbeeld een auto of een pand), komen alleen nog in aanmerking voor de BOR als ze voor minstens 90 procent zakelijk worden gebruikt. Deze regel geldt alleen voor bedrijfsmiddelen met een waarde boven de € 100.000.
Whitepaper Belastingwijzigingen
Wat gaat er vanaf 2026 veranderen?
Aanpak ‘rollatorinvesteringen’
Oudere ondernemers die vlak voor hun pensioen kunstmatig ondernemingsvermogen opbouwen om belastingvoordelen te benutten, krijgen te maken met strengere regels. Hoe ouder je bent, hoe langer je een onderneming in bezit moet hebben om gebruik te maken van de BOR.
Beperking dubbel gebruik van de BOR
Het kabinet voorkomt dat dezelfde onderneming meerdere keren van de BOR profiteert. Bijvoorbeeld als een bedrijf eerst wordt geschonken, teruggekocht en opnieuw geschonken. Dus ben je eerder eigenaar geweest van het bedrijf dat je krijgt, dan kun je de BOR niet gebruiken.
Herstructurering eenvoudiger
Het wordt eenvoudiger om een overgenomen bedrijf te herstructureren. Denk aan een splitsing of fusie. Daarbij raak je het belastingvoordeel van de BOR niet kwijt, ook al voldoe je (nog) niet aan de bezitseis of voortzettingseis.