Box 3-aangifte 2025: check welke methode jou het meeste oplevert
Voor het eerst kunnen belastingplichtigen in de aangifte inkomstenbelasting 2025 hun werkelijke rendement in box 3 opgeven. Dat klinkt als een kans, maar de praktijk pakt anders uit dan veel mensen verwachtten. Vooral bij kleinere en middelgrote vermogens blijkt het forfaitaire rendement vaak voordeliger.
De reden: bij het werkelijke rendement geldt geen heffingsvrij vermogen, terwijl het forfaitaire systeem daar wel rekening mee houdt. Bovendien valt het werkelijke rendement op overige bezittingen in de praktijk vaak hoger uit dan het forfaitaire percentage van 5,88%.
Het aangifteprogramma maakt het je makkelijk: als je aangeeft het werkelijke rendement te willen opgeven, berekent het systeem automatisch beide varianten en kiest de voordeligste. Je hoeft dus niet zelf te rekenen, maar je moet het wel invullen om de vergelijking te kunnen maken.
Wat betekent dit voor jou?
Heb je vermogen in box 3, zoals spaargeld, beleggingen of een tweede woning? Dan loont het om beide opties te vergelijken voordat je je aangifte indient. Ga je ervan uit dat werkelijk rendement altijd goedkoper is, dan kan dat een dure misvatting blijken. Zeker als je vermogen relatief beperkt is of als je beleggingen het afgelopen jaar goed hebben gepresteerd, kan het forfaitaire systeem in je voordeel werken.
Let ook op de deadlines: dien je de aangifte vóór 1 april in, dan krijg je uiterlijk 1 juli bericht van de Belastingdienst. De uiterste deadline is 1 mei 2026.
Advies van De Zaak: Open het aangifteprogramma en vul beide scenario’s in – forfaitair én werkelijk rendement. Laat het systeem de vergelijking maken voordat je een keuze vastlegt. Twijfel je over je box 3-situatie of heb je vastgoed of complexere beleggingen? Schakel dan een belastingadviseur in vóór 1 april, zodat je nog ruim op tijd bent.
Lees in het artikel: Nieuw box 3-stelsel wankelt: wat kun je verwachten richting 2028? alles over de veranderingen in box 3.
Nieuwe box 2-regels: zo voorkom jij dat je te veel betaalt
De fiscale spelregels voor directeur-grootaandeelhouders zijn de afgelopen jaren flink aangescherpt en dga’s hebben massaal hun gedrag aangepast. Twee wetswijzigingen liggen daaraan ten grondslag. Sinds 2024 geldt in box 2 een tweeschijvenstelsel: over dividend tot ongeveer 68.000 euro betaal je 24,5%, alles daarboven wordt belast tegen 31%. Daarvoor gold één uniform tarief van 26,9% over het volledige bedrag.
Daarnaast geldt sinds 2023 de Wet excessief lenen: leen je meer dan het toegestane maximum van je eigen bv, dan wordt het meerdere direct belast als inkomen uit aanmerkelijk belang.
Uit onderzoek van Economische Statistische Berichten blijkt dat dga’s hier massaal op hebben geanticipeerd. In het jaar vóór de invoering van het tweeschijvenstelsel verdubbelde het gemiddeld uitgekeerde dividend per bv. En in de aanloop naar de leenwet losten dga’s in één jaar tijd bijna 5 miljard euro aan leningen af – een historisch hoog bedrag.
Wat betekent dit voor jou?
Ben je dga? Dan is de vrijheid om belasting via dividendplanning of leningen uit te stellen een stuk kleiner geworden. Het tweeschijvenstelsel maakt de timing van dividenduitkeringen cruciaal: wie structureel meer dan 68.000 euro uitkeert, betaalt over het meerdere een fors hoger tarief. Lenen van je bv kan nog steeds, maar alleen binnen de toegestane grenzen — anders volgt directe belastingheffing. Wie zijn strategie nog niet heeft herijkt, loopt het risico onnodig veel belasting te betalen of voor fiscale verrassingen komen te staan.
Advies van De Zaak: Bespreek dit jaar nog met je accountant of belastingadviseur hoe je dividendstrategie eruitziet in het nieuwe stelsel. Wat is het optimale uitkeerbedrag gezien de twee schijven? En staan er nog leningen open bij je bv die boven de toegestane grens uitkomen? Een korte doorlichting nu voorkomt een onverwachte aanslag later.
Meer dan de helft mkb krijgt geld niet op tijd: zo bescherm jij je cashflow
Betalingsachterstanden zijn geen uitzondering meer bij kleine ondernemers — ze zijn de norm. Uit het Nationaal Onderzoek Betalingsachterstanden MKB (uitgevoerd door Multiscope in opdracht van Bill Incasso, november 2025) blijkt dat 54 procent van de mkb-bedrijven met maximaal tien medewerkers vorig jaar te maken kreeg met facturen die te laat of helemaal niet werden betaald. Voor één op de tien ondernemers was dat meer dan tien keer.
De financiële gevolgen zijn concreet: 12 procent stond tijdelijk rood, 8 procent liep zelf achter bij leveranciers en 63 procent moest omzet definitief afschrijven als oninbaar. In sommige gevallen liep dat op tot meer dan 10.000 euro.
De wettelijke betaaltermijn van 30 dagen voor grote bedrijven – ingevoerd in 2023 – biedt in de praktijk weinig soelaas: 43 procent van de ondervraagden wist niet eens dat deze wet bestaat, en slechts 24 procent zegt dat grote bedrijven zich er ook daadwerkelijk aan houden. Ondertussen krijgt 30 procent nog altijd betaaltermijnen van 60 dagen of langer opgelegd.
Wat betekent dit voor jou?
De impact reikt verder dan de bankrekening. Driekwart van de ondernemers met openstaande facturen ervaart stress of zorgen, omgerekend zo’n vier op de tien kleine ondernemers. Toch schakelt 81 procent geen professionele hulp in, uit angst de klantrelatie te beschadigen, onbekendheid met de mogelijkheden of de inschatting dat het bedrag te klein is. Dat terwijl veel incassobureaus werken op basis van no cure, no pay, waarbij je dus geen financieel risico loopt als de inning mislukt.
Advies van De Zaak: Bekijk je openstaande debiteuren van de afgelopen zes maanden. Zijn er facturen die structureel te laat binnenkomen? Stel dan een strakker debiteurenproces in: automatische herinneringen, kortere betalingstermijnen in nieuwe offertes en een duidelijke escalatieroute. Weet ook dat grote opdrachtgevers wettelijk verplicht zijn binnen 30 dagen te betalen – en dat je dit recht kunt opeisen.
Goede Vrijdag komt eraan. Is dit een vrije dag in 2026?
Op 3 april is het Goede Vrijdag. Hoewel het een officiële feestdag is, betekent dit niet automatisch een dag vrij voor iedereen. Er is immers geen wet die zegt dat feestdagen verplichte vrije dagen zijn. De realiteit is dat sommige sectoren altijd door moeten. Veel scholieren en ambtenaren zijn wel vrij.
Of Goede Vrijdag een vrije dag is, hangt af van afspraken tussen werkgever en werknemers in de cao, het arbeidscontract of het bedrijfsreglement. Wanneer in een afspraak expliciet is beschreven dat het een vrije dag is, dan moet de werkgever het loon doorbetalen. Als je als werknemer Goede Vrijdag als een verplichte vrije dag hebt vastgelegd, gaat het van het vakantiesaldo van de werknemer af.
Advies van De Zaak: controleer je cao, arbeidscontract of bedrijfsreglement om te zien of Goede Vrijdag een vrije dag is. Zorg dat je team weet waar het aan toe is – duidelijke communicatie voorkomt last-minute verwarring of misverstanden.
Belangrijke data voor ondernemers
- 31 maart: uiterste datum oprichten bv met geruisloze inbreng
- 31 maart: uiterste datum tekenen en registreren intentieverklaring voor ruisende inbreng onderneming in bv
- 31 maart: uiterste aangifte- en betaaldatum btw maand februari 2026
- 31 maart: uiterste aangifte- en betaaldatum btw jaar 2025
- 3 april: Goede vrijdag
- 5 en 6 april: eerste en tweede paasdag
- 27 april: Koningsdag
- 30 april: uiterste aangifte- en betaaldatum btw eerste kwartaal 2026
- 30 april: uiterste aangifte- en betaaldatum btw maand maart